FR
 
STARTPAGE Blogs
 
 
Het sociaal overleg grijpt de kans niet om zich heruit te vinden
published by , on 21/02/2013

Door Manou Doutrepont (www.socialedialoog.be)

Het sociaal overleg is een systeem van verdeling van toenemende rijkdom, maar blijkt niet aangepast te zijn om in consensus economische problemen te beheersen. Toch niet in ons land. De sociale partners (of moeten we zeggen sociale partijen) geraken het niet eens over hun rol om het probleem van de crisis aan te pakken.

Hoe gaat het interprofessioneel overleg te werk? De sociale partners eisen de exclusiviteit op zo lang er iets te verdelen valt. Als er ruimte is voor loonsverhogingen of de Regering opent een nieuw budget voor loonlastverlaging of sociale zekerheidsuitkeringen dan is de kans groot dat de sociale partners tot een akkoord komen. Die ruimte moet wel significant zijn. En dan nog, kunnen er hindernissen zijn. Voor de periode 2011-2012 blokkeerden twee van de drie vakbonden op een ontwerp van IPA met een loonmarge van 0,3% (boven de automatische indexering) en een kleine aanpassing van het ontslagrecht. Als er geen of onvoldoende ruimte is moet de Regering tussen komen met loonmatiging.

Die doet dat niet graag en laat dus niet na op één of andere manier om ruimte te scheppen om zelf geen loonmatiging te moeten opleggen.
Tot nu verliep dit scenario vrij vlekkeloos. Het script stond geschreven in de loonnormwet van 1996. Eerst publiceert de CRB een rapport. De Groep van Tien onderhandelt vervolgens een loonmarge op basis van dit akkoord. Als dit niet lukt (bvb voor de periode 1997-1998, 2005-2006 en 2011-2012) dan komt de Regering tussen. Deze keer lijkt het een improvisatie, zo niet een belangrijke variatie. Er kwam geen rapport, de Regering besliste op voorhand dat er geen marge is voor lineaire loonsverhogingen (buiten de indexering en de toepassing van barema), en roept dan de Groep van Tien op een IPA te sluiten. Liefst samen met een voorstel van opheffing van de discriminatie tussen arbeiders en bedienden.

Maandag kwam het tot een climax in die zin dat de voorzitter van de Groep van Tien de Premier is gaan opzoeken om mee te delen dat er geen akkoord gevonden kon worden. Maar toch onderlijnt hij dat de onderhandelaars wel een consensus vonden over drie onderwerpen: loonlastenverlaging, verhoging van enkele sociale zekerheidsuitkeringen en de minimumlonen. Let wel, twee van de drie onderwerpen (borrelnootjes in vergelijking met de andere problemen) zijn gesubsidieerd door de Regering. En, pour la petite histoire, de Minister van Werk vond het gepast om juist op dezelfde dag aan te kondigen dat zij de sociale partners zou vragen de modaliteiten uit te werken voor anoniem solliciteren.

Het scenario van de wet van 1996 steunt niet alleen op de taakverdeling Regering – sociale partners, maar ook op de idee dat centrale akkoorden noodzakelijk zijn in België. Centrale akkoorden, of bij gebreke een tussenkomst van de Regering, zijn een trade off tussen de mogelijkheid om interprofessionele maatregelen overeen te komen en de mogelijkheid om het loonoverleg op niveau van sectoren en ondernemingen te beheersen en te coördineren. Die trade off is in de kiem onevenwichtig omdat de interprofessionele maatregelen onmiddellijk geconcretiseerd worden en zonder meer van toepassing zijn terwijl de coördinatie louter virtueel is en nog afhangt van de machtsverhoudingen op het terrein.

De poging van de Minister van Werk om de coördinatie afdwingbaar te maken door de sectorale cao’s boven de loonnorm niet algemeen verbindend te verklaren krijgt tot nu toe geen voet aan wal. Resultaat is dat de loonnorm niet werkt: België verliest terrein op de wereldmarkt, we spelen ons voordeel van hoge arbeidsproductiviteit kwijt, de loonkosthandicap ontspoort ondanks de loonlastenverlaging, de werkzaamheidsgraad blijft ondermaats, de flexibiliteit op de werkvloer is lager dan in andere landen, de financiering van de sociale zekerheid is niet gewaarborgd en de loonsverhogingen verschillen sterk van sector tot sector.

De economische context, de crisis, is gekend. De juridische context, de discriminatie arbeiders/bedienden is gekend. Komt nog de sociale context. De vorm die stakingen aannemen voornamelijk in de openbare sector en nu ook in automotive sector in Genk, zal sporen achterlaten. Het begrip sociale vrede en de rol van de vakbonden om die te waarborgen staan op losse schroeven.
We hebben drie pijlers van ons overleg aangekaart: de taak en de capaciteit om problemen op te lossen, de functie van het centraal overleg en de betekenis van de sociale vrede. Besluit. Is de situatie hopeloos maar niet ernstig? Voor sommigen lijkt het zo. Maar voor de bedrijfsleiders is het anders. Sommigen onder hen zijn opgestaan om de sociale partners aan te sporen tot vernieuwing. Zij verdienen meer gehoor.

(Deze tekst verscheen oorspronkelijk in De Tijd)

Post a reaction

Your email address will not be published. Required fields are marked *

* Comments are welcome in English, French or Dutch. Only reactions by authors who have stated their full name and e-mail address will be published. No mention of e-mail addresses will be made on the website. We only require them to enable us to contact the writer of the reaction should this prove necessary. HRMblogs.com reserves the right to delete reactions that are not in conformity with the general conditions and code of behaviour of this website.

recent reactions
 
poll

    Should an employer facilitate the practice of the Ramadan at the workplace?

    View Results

    Loading ... Loading ...

 
 
categories
 
archive
 
Disclaimer

Everything posted on this website/blog is the personal opinion of the individual contributor and does not necessarily reflect the view of BizInfo/HRMblogs or its clients, nor the author respective employer or clients.