FR
 
STARTPAGE Blogs
 
 
Naar een moderne werkloosheidsverzekering
published by , on 21/10/2011

Door Marc De Vos (Itinera Institute & Universiteit Gent)

Een enquête van het uitzendbureau Tempo-Team vindt zowel in Vlaanderen als in Wallonië brede steun voor hervorming van de werkloosheidsuitkeringen (De Standaard van 19 oktober). Formateur Di Rupo deed eerder in zijn nota de deur open voor verlaging van uitkeringen in de tijd.

Hervorming van de werkloosheidsverzekering ligt dus op de onderhandelingstafel, juist op het moment dat de vergrijzing op stoom komt. Honderdduizenden babyboomers verlaten de komende jaren de arbeidsmarkt. Een periode van structurele talentenschaarste staat voor ons. We zullen al het beschikbare talent nodig hebben. Dat zit onder andere bij de werkzoekenden. Hervorming van de werkloosheidsverzekering is dus niet voor een ‘harde aanpak’ van werklozen, zoals sommigen hopen en anderen vrezen. Het gaat om moderniseren en investeren, zodat we meer mensen aan het werk krijgen.

Het belangrijkste inzicht daarvoor is dat de werkloosheidsverzekering meer is dan een stelsel van uitkeringen. Ze is ook een springplank om een nieuwe baan te vinden. We kunnen de beide componenten structureel verenigen in een verstevigd stelsel. De essentie is de creatie van twee pijlers – één voor uitkering en één voor nieuw werk – die als communicerende vaten met elkaar in verbinding staan.

Klemtoon op begeleiding

Vooreerst bepalen we de werkloosheidsverzekering op een vast budget per werkloze, maar waarvan de samenstelling wijzigt naarmate de duur van de werkloosheid oploopt. De passieve component van de werkloosheidsuitkering weegt zwaar door bij de aanvang van de werkloosheidsperiode. De uitkering mag zelfs hoger zijn dan vandaag: werklozen moeten kunnen zoeken naar een job die goed bij hen past en hun inkomen moet dat toelaten.

Het aandeel van de werkloosheidsuitkering in het totale budget neemt af ten voordele van begeleidingsmaatregelen naarmate de tijd verstrijkt. Deze maatregelen worden geleidelijk de dominante component. Dit impliceert degressieve uitkeringen, maar ten voordele van progressieve besteding aan begeleiding en investering, om de uitstroom uit werkloosheid te realiseren. De lengte van de respectieve periodes kan deels worden gekoppeld aan de werkervaring van de werkloze, als beloning voor vroegere activiteit. Dat kan ook de insteek zijn om het systeem van wachtuitkeringen voor schoolverlaters zonder de minste werkervaring, te heroriënteren.

De nota-Di Rupo voorziet alleen in degressieve uitkeringen, over een periode van maximum vier jaar werkloosheid. Dat is te weinig en te lang. Te lang, omdat degressiviteit beter sneller ingaat om de financiële prikkel voor nieuw werk te laten aanslaan. Te weinig, omdat het niet de bedoeling is werklozen te straffen. Het is de bedoeling hen te helpen werk op te nemen. Daarvoor dient dan de hefboom van groeiende middelen voor nieuw werk.

De besteding van het progressieve budget berust het best bij de regionale diensten van arbeidsbemiddeling, zoals de VDAB in Vlaanderen. Begeleiding werkt het best op maat van de persoon en van de lokale arbeidsmarkt. We moeten er wel over waken dat het begin van de begeleiding zeer snel komt. We moeten er ook op toezien dat de bevoegde diensten geobjectiveerde resultaatsdoelstellingen voor wedertewerkstelling krijgen en daarop worden afgerekend. Maar voor het overige kan de timing en de wijze waarop het budget kantelt van uitkering naar investering, op individuele basis worden bepaald, binnen politiek getrokken grenzen.

De combinatie van degressieve uitkering en progressieve begeleiding beslecht ook de eeuwige discussie over de onbeperktheid in de tijd van de Belgische werkloosheidsuitkeringen. Door de uitkeringen te verminderen, ontlopen we het gevaar dat de werkloze zich passief nestelt in de werkloosheid. Door de begeleiding op te drijven vermijden we dat de werkloze gewoon zijn uitkering verliest om in de bijstand van het OCMW te tuimelen. Het alternatief van een botte beperking in de tijd realiseert het eerste zonder het tweede.

Goed voor iedereen

Ten slotte zullen er altijd werklozen zijn die uiteindelijk geen werk vinden. Dan kan worden overgestapt op een bijstandsregime met dienstverlening aan de gemeenschap. De betrokken personen hebben weliswaar geen regulier werk, maar hun betrokkenheid bij de samenleving wordt onderhouden en hun deelname aan zinvolle activiteit in ruil voor uitkeringen is te verkiezen boven het isolement van zuivere werkloosheid. Bovendien onderstreept deze visie de wisselwerking tussen rechten en plichten, die het cement vormt van de sociale zekerheid in onze samenleving.

Een aldus verstevigde werkloosheidsverzekering zal beter werken voor de werkzoekende. Ze zal beter renderen voor de arbeidsmarkt. Ze verstevigt de cohesie binnen de sociale zekerheid door niemand te laten vallen, maar ook iedereen op plichten aan te spreken. De politieke opportuniteit is er. Laten we ze echt benutten.

(Deze column verscheen eerder in De Standaard).

Post a reaction

Your email address will not be published. Required fields are marked *

* Comments are welcome in English, French or Dutch. Only reactions by authors who have stated their full name and e-mail address will be published. No mention of e-mail addresses will be made on the website. We only require them to enable us to contact the writer of the reaction should this prove necessary. HRMblogs.com reserves the right to delete reactions that are not in conformity with the general conditions and code of behaviour of this website.

recent reactions
 
poll

    Should an employer facilitate the practice of the Ramadan at the workplace?

    View Results

    Loading ... Loading ...

 
 
categories
 
archive
 
Disclaimer

Everything posted on this website/blog is the personal opinion of the individual contributor and does not necessarily reflect the view of BizInfo/HRMblogs or its clients, nor the author respective employer or clients.