FR
 
STARTPAGE Blogs
 
 
Een gemiste kans voor het Centrum voor Gelijkheid van Kansen
published by , on 25/08/2009

Met de nieuwe sensibiliseringscampagne ‘Cast Me’ bindt het Centrum voor Gelijkheid van Kansen opnieuw de strijd aan met de discriminatie van allochtonen bij het zoeken naar werk (De Morgen, 1 september 2009). Het gaat om een geraffineerde campagne. Mensen krijgen 2 CV’s in de bus die op het eerste zicht op elkaar lijken. Maar schijnt bedriegt. De eerste CV bevat een foto en een naam van een jonge Afrikaanse vrouw terwijl op de tweede CV een Belgische naam staat en dezelfde vrouw er meer Europees uitziet. Twee keer raden welke CV het meest opgepikt wordt.

Er zijn hele goede redenen om dergelijke campagnes te voeren. Er kan geen discussie over bestaan dat allochtonen met veel drempels te maken hebben bij de zoektocht naar werk en dat discriminatie daar één van is. Zelfs het tijdstip is goed gekozen. In de huidige crisistijd zijn zeer veel werkende allochtonen extra kwetsbaar. Bovendien weten we dat racisme beter gedijt in een economisch onzeker klimaat. Een ander pluspunt van de campagne is dat men niet de moraliserende en culpabiliserende toer opgaat. Men mikt op de persoonlijke confrontatie. Niemand is immuun voor stereotyperingen en de discriminaties die eruit volgen.

Toch heb ik gemengde gevoelens bij deze campagne. Er zijn minstens twee bedenkingen te maken.

Vooreerst bestaat de kans dat met deze campagne discriminerend gedrag van werkgevers opnieuw wordt overschat als oorzaak voor de moeilijke integratie van veel allochtonen. Discriminatie is slechts één reden en vermoedelijk niet de belangrijkste. Een gebrekkige scholing, taalachterstand, minder uitgebreide netwerken en de gewoonte om huwelijkspartners in het land van oorsprong te blijven zoeken zijn de belangrijkste redenen. Daarnaast worden ook dikwijls attitudeproblemen bij jonge mannelijke allochtonen vernoemd maar het is de vraag of dit zomaar kan veralgemeend worden. Gisteren werd toevallig ook bekend dat maar liefst één op vijf kleuters thuis geen Nederlands spreken (De Morgen,  1 september 2009). Daarbovenop komen dan nog de kenmerken van de Belgische arbeidsmarkt. Deze bevoordeelt de insiders (degenen die al aan het werk zijn) en maakt het moeilijk voor outsiders (de nieuwkomers). In deze crisistijd is dat meer dan ooit het geval. Op dergelijke arbeidsmarkt hebben allochtonen het moeilijker om te integreren. Ook de specifieke structuur van de Belgische arbeidsmarkt speelt in het nadeel. Naast Italië is er geen land in Europa waar de werkloosheidsverschillen tussen regio’s zo gigantisch zijn. Het meest schrijnend is de situatie in Brussel en Vlaams Brabant waar massale werkloosheid en moeilijk te vervullen vacatures op enkele kilometer van elkaar liggen. Het gebrek aan interregionale mobiliteit is eveneens zeer nadelig voor allochtonen. Gezien de vele oorzaken van het probleem zal het een enorme maatschappelijke inspanning vragen om het op te lossen. Het spreekt vanzelf dat daar meerdere generaties zullen overgaan. Dit alles betekent uiteraard niet dat discriminatie onder de mat kan worden geveegd. Het is alleen maar een deel van de oplossing.

De tweede bedenking is fundamenteler. Niet alleen allochtonen hebben te maken met deze vorm van discriminatie. Ook ouderen, arbeidsgehandicapten, holebi’s en in sommige gevallen vrouwen hebben hiermee af te rekenen. Wie alle doelgroepen optelt zal tot de vaststelling komen dat slechts een minderheid op de arbeidsmarkt niet wordt gediscrimineerd. Dan vergeten we nog degenen die wel degelijk gediscrimineerd worden maar helemaal geen drukkingsgroep achter zich hebben om het op de politieke agenda te zetten. We hebben het over personen die er fysisch onaantrekkelijk uitzien, heel dik zijn of heel klein. Ze doen het eveneens minder goed op de arbeidsmarkt en gedeeltelijk heeft dit te maken met discriminatie. Een mooi Belgisch meisje zal sneller uitgenodigd worden voor een eerste sollicitatiegesprek dan een lelijk. Een Centrum voor Gelijkheid van Kansen moet zeer goede redenen hebben om voor de ene groep wel een campagne te voeren en voor de andere niet. Het is immers uitgesloten om voor elke doelgroep apart een dergelijke campagne te verzinnen. Een reden zou de globale maatschappelijke achterstand van allochtonen kunnen zijn. Maar hoe denkt het Centrum dan de andere doelgroepen verder te helpen?. Als klap op de vuurpijl pakt het Centrum voor de campagne dan nog uit met uitsluitend jonge mooie allochtonen. Het oog wil ook wat. Het is toch wel zeer ironisch dat uitgerekend het Centrum zijn toevlucht moet nemen tot deze stereotypering. Het Centrum heeft met deze campagne een kans gemist om het fenomeen van stereotypering en discriminatie op de arbeidsmarkt in een breder kader te plaatsen. Erger nog, de campagne is zelf een prototype van   stereotypering.

(Deze column verscheen eerder in De Morgen)

Post a reaction

Your email address will not be published. Required fields are marked *

* Comments are welcome in English, French or Dutch. Only reactions by authors who have stated their full name and e-mail address will be published. No mention of e-mail addresses will be made on the website. We only require them to enable us to contact the writer of the reaction should this prove necessary. HRMblogs.com reserves the right to delete reactions that are not in conformity with the general conditions and code of behaviour of this website.

recent reactions
 
poll

    Should an employer facilitate the practice of the Ramadan at the workplace?

    View Results

    Loading ... Loading ...

 
 
categories
 
archive
 
Disclaimer

Everything posted on this website/blog is the personal opinion of the individual contributor and does not necessarily reflect the view of BizInfo/HRMblogs or its clients, nor the author respective employer or clients.