FR
 
STARTPAGE Blogs
 
 
De impact van vergrijzing
published by , on 21/08/2008

Genderoperaties kennen een spectaculaire stijging in België, ook bij oudere mensen. Voor de krant De Morgen(van 1 augustus 2008) was dit terecht belangrijk nieuws. Het toenemen van genderoperaties bij ouderen is nl. één van de zeer vele voorbeelden hoe de vergrijzing onze maatschappij radicaal aan het transformeren is. Tot nu toe wordt de (toekomstige) impact van deze vergrijzing vooral in financiële termen beschreven. De totale impact van vergrijzing is echter nog veel ingrijpender.

Er komen de komende decennia niet alleen meer ouderen, ze worden gemiddeld ook nog steeds ouder. In 1990 maakten 65 plussers 12 % uit van de totale bevolking in de OESO-landen. In 2050 zal dit bijna 30% zijn. Elk jaar leeft een Belg gemiddeld een seizoen langer. In 2050 zal de gemiddelde Belgische man 84 jaar worden. Bij de gemiddelde Belgische vrouw loopt dit zelfs op tot 89 jaar. Een op drie meisjes die geboren zijn na 2000 zullen meer dan 100 jaar oud worden. Er is geen gebrek aan media-aandacht voor het thema van de vergrijzing. Alleen blijft deze aandacht nogal sterk geconcentreerd op de impact van de vergrijzing op onze welvaartsstaat m.n. de financiële impact van de pensioenen en kosten van de gezondheidszorg. Daarin valt vooral op dat de ramingen van de Vergrijzingscommissie periodiek naar boven worden bijgesteld.

Op vier jaar tijd verdubbelde de schatting van de bijkomende kosten door de vergrijzing. Het minste wat we kunnen zeggen is dat het blijkbaar niet meevalt om de financiële impact correct in te schatten. Daarnaast is er ook veel aandacht voor de impact op de arbeidsmarkt. De vergrijzing van de arbeidsmarkt spoort niet goed met de zeer langdurige trend tot collectieve vervroegde uittreding  Deze legt naast een nog grotere financiële druk op de welvaartstaat ook nog bijkomende druk op de personeelsvoorziening van de bedrijven. Het blijkt in de praktijk niet gemakkelijk om deze trend te keren hoewel er reeds enkele jaren sprake is van een positieve ontwikkeling. Er zijn ook al pogingen ondernomen om de economische impact van vergrijzing in kaart te brengen. Volgens Koen De Leus zullen sommige sectoren profiteren van de vergrijzing: financieel advies, vermogensbeheer, doe-het-zelf-ketens, consumentenelektronica, wellness, lichaamsverzorging, de bredere medische sector. Andere sectoren krijgen het daarentegen moeilijker: kleding, uitgevers van tijdschriften en kranten, fastfood en traditioneel pilsbier…

Hoe belangrijk deze ontwikkelingen ook zijn, ze geven slechts in beperkte mate de impact weer van de vergrijzing op onze samenleving. Het is niet overdreven te stellen dat de vergrijzing onze samenleving radicaal aan het veranderen is. Daarbij gaat het niet om hippe trends maar om langzame onderhuidse wijzigingen. Onze kennis van dit bredere plaatje is voorlopig vrij beperkt. Het fenomeen van een vergrijzende samenleving is namelijk een volledig nieuw gegeven. Er zijn geen voorbeelden bekend van samenlevingen met een dergelijk groot aandeel ouderen. Historici kunnen in deze geen lessen geven. Er is zeer weinig om op terug te vallen.

Een bijkomende complicatie is dat het begrip ‘oudere’ zich ook radicaal aan het wijzigen is. De ouderen in onze maatschappij zijn een totaal nieuwe sociologische categorie die nooit eerder heeft bestaan. Historisch stond oud gelijk aan lichamelijk verval. De grootste groep mensen die echter nu stoppen met werken zijn lichamelijk nog gezond en hebben nog een heleboel gezonde levensjaren voor zich.Dit verandert niet alleen het individueel levensperspectief vrij radicaal, het slaat ook neer op de samenleving als geheel. Zo wordt het begrip ‘leeftijd’ minder en minder relevant om iemand als oud te bestempelen. Meer en meer mensen zijn in staat hun leeftijd te kiezen of minstens een levensstijl te kiezen die vroeger exclusief aan een bepaalde leeftijdscategorie verbonden was. Ouder worden is meer dan ooit een sociaal en minder dan ooit een fysiek verschijnsel. Oud is heden ten dage iemand die geen project meer heeft voor de rest van het leven.

Door de sterk verbeterde gezondheid en de toenemende welvaart (die sterk geconcentreerd zit bij 60 plussers) hebben meer en meer 60 plussers nog projecten in petto. Ze veranderen van partner,  vestigen zich in een ander land. De gevolgen daarvan zijn op dit ogenblik slechts gedeeltelijk in te schatten. Het enige waar we zeker kunnen van zijn is dat ze aanzienlijk zijn. Nu is al duidelijk dat de levensfasen sterk gewijzigd zijn. In 1900 duurde de adolescentiefase van het elfde tot het zestiende levensjaar, ouderdom (levensmoeheid en sterke fysieke slijtage) manifesteerde zich vanaf het veertigste levensjaar. Dit plaatje is sterk veranderd tussen 1980 en 2000. Zo is de adolescentiefase nu uitgebreid tot het 30ste levensjaar. De traditionele ouderdom begint nu pas na zeventig en soms pas na tachtig jaar.

Het is opvallend dat dit alles zich vooral in de consumptieve sfeer voltrekt. Op de arbeidsmarkt zijn de veranderingen veel minder spectaculair. Het zou ook fout zijn de ontwikkelingen in de consumptieve sfeer zomaar door te trekken naar de productiesfeer. Maar het zou zeer naïef zijn te denken dat de arbeidsmarkt immuun zal blijven voor deze radicale omwentelingen.

(Deze column verscheen eerder in De Morgen)

Post a reaction

Your email address will not be published. Required fields are marked *

* Comments are welcome in English, French or Dutch. Only reactions by authors who have stated their full name and e-mail address will be published. No mention of e-mail addresses will be made on the website. We only require them to enable us to contact the writer of the reaction should this prove necessary. HRMblogs.com reserves the right to delete reactions that are not in conformity with the general conditions and code of behaviour of this website.

recent reactions
 
poll

    Should an employer facilitate the practice of the Ramadan at the workplace?

    View Results

    Loading ... Loading ...

 
 
categories
 
archive
 
Disclaimer

Everything posted on this website/blog is the personal opinion of the individual contributor and does not necessarily reflect the view of BizInfo/HRMblogs or its clients, nor the author respective employer or clients.