FR
 
STARTPAGE Blogs
 
 
Insiders en outsiders op de arbeidsmarkt
published by , on 26/02/2008

In een opiniestuk voor de krant De Tijd (van 7 februari laatsleden) maakt professor Marc De Vos zich druk over de stuitende apartheid tussen de insiders en de outsiders op onze arbeidsmarkt. Daarin deelt ook uitzendarbeid in de klappen want steeds volgens de professor wordt deze formule oneigenlijk gebruikt omdat het klassieke arbeidsstatuut rigide is en een zwaar ontslagrisico impliceert. Uitzendarbeid bestaat intussen 50 jaar in dit land maar de kennis in de academische wereld over de feitelijke rol van uitzendarbeid op de arbeidsmarkt blijft bedroevend laag.

Vooreerst moet duidelijk gemaakt worden wat men bedoelt met insiders en outsiders op de arbeidsmarkt. De meest klassieke opdeling is deze tussen werkenden en werklozen. Insiders zijn degenen met een job, de outsiders zoeken te vaak vruchteloos een job. Als we dit model als uitgangspunt nemen heeft de Belgische arbeidsmarkt een groot probleem. Werknemers hebben in dit land een objectief zeer hoge werkzekerheid. De kans dat een Belgische werknemer het volgend jaar ook aan het werk is, behoort tot de hoogste in de Europese Unie. Omgekeerd is de kans dat een Belgische werkzoekende het volgend jaar aan het werk is zeer laag. In België zijn werkenden inderdaad insiders en werkzoekenden outsiders. Dit is een gevolg van onze arbeidsmarktinstituties. Zeker is in elk geval dat zonder uitzendarbeid deze tweedeling nog veel hardnekkiger zou zijn.

Marc De Vos suggereert echter een nieuw insider outsider model op de Belgische arbeidsmarkt: dit tussen vaste en tijdelijke werknemers. De outsiders zijn in deze de tijdelijken, de insiders degenen met een ‘vast contract. Op dit punt heeft België geen probleem. Integendeel, de Belgische arbeidsmarkt is in deze de best presterende in de Europese Unie. De doorstroom van tijdelijke naar vaste contracten is in België de allerhoogste in de Europese Unie. Uit een analyse van de OESO blijkt dat van een cohorte tijdelijke werknemers drie jaar later 70% een contract van onbepaalde duur heeft. Denemarken, kampioen inzake flexicurity, haalt in deze slechts iets meer dan de helft.  De Vos haalt in zijn opiniestuk zelf het correcte cijfer aan dat de helft van de arbeiders in de industrie via een uitzendkantoor is ingestroomd. Dit is op zich al een perfect bewijs van het niet bestaan van een insider outsider model want deze 50% arbeiders zijn voor een heel groot gedeelte doorgestroomd naar vaste jobs. De Vos laat zich hier nogal gemakkelijk misleiden door bepaalde syndicale middens die heel specifieke bedrijfssituaties ten onrechte veralgemenen tot de hele sector. Het is deze onterechte veralgemening die de SP.A meende te moeten aangrijpen om met een nieuw ‘wetsvoorstel’ inzake uitzendarbeid te komen. Dat uitgerekend in het land met de hoogste doorstroom van uitzendarbeid naar vaste jobs politici met dergelijke voorstellen voor de dag komen is eigenlijk te gek voor woorden.

Indien uitzendarbeid en tijdelijke arbeid vooral zouden  worden aangewend om rigiditeiten (waaronder ontslagkosten) op de arbeidsmarkt te vermijden dan zou de penetratiegraad van uitzendarbeid bij arbeiders heel wat lager moeten liggen dan bij bedienden.  Het omgekeerde is het geval. België zou door de gemiddeld rigide arbeidsmarkt ook een hoog aandeel tijdelijke contracten moeten kennen of minstens een aandeel dat hoger ligt dan het Europees gemiddelde. België kent echter een gemiddeld lager aandeel tijdelijke arbeid van 9% tov. 14% voor de Europese Unie. Het is een trend die ook internationaal wordt vastgesteld. De verdringing van ‘vaste’ arbeid door uitzendarbeid blijkt steeds hooguit enkele procenten van de uitzendmarkt uit te maken. Een laatste bewijs ligt in de positie van uitzendarbeid in zeer liberale arbeidsmarkten. Volgens de doctrine van De Vos zou uitzendarbeid daar een slechts marginaal bestaan moeten leiden. Opnieuw is het omgekeerde het geval. De V.S. en  U.K. kennen zeer ontwikkelde en mature uitzendmarkten.

Dat de kloof tussen de wet en de praktijk een ravijn is die een rechtsstaat onwaardig is, is dan ook een zeer grote overdrijving van de professor. Die hele grote kloof kan perfect worden gedicht door simpel een vierde motief toe te voegen aan de bestaande drie motieven voor uitzendarbeid nl. aanwerving.  De sociale partners zijn het intussen al lang over het principe eens. Dat uitzendarbeid een belangrijk instroomkanaal is wordt in feite niet meer ter discussie gesteld. De discussies gaan in deze over de modaliteiten waarbij een heel belangrijk element is in welke mate de duur van de uitzendperiode meetelt voor de proefperiode van het vaste contract.  Er zijn geen objectieve redenen aan te geven waarom een politiek voorstel nu plots dit proces moet doorkruisen.

(Deze column verscheen eerder in De Tijd)

Post a reaction

Your email address will not be published. Required fields are marked *

* Comments are welcome in English, French or Dutch. Only reactions by authors who have stated their full name and e-mail address will be published. No mention of e-mail addresses will be made on the website. We only require them to enable us to contact the writer of the reaction should this prove necessary. HRMblogs.com reserves the right to delete reactions that are not in conformity with the general conditions and code of behaviour of this website.

recent reactions
 
poll

    Should an employer facilitate the practice of the Ramadan at the workplace?

    View Results

    Loading ... Loading ...

 
 
categories
 
archive
 
Disclaimer

Everything posted on this website/blog is the personal opinion of the individual contributor and does not necessarily reflect the view of BizInfo/HRMblogs or its clients, nor the author respective employer or clients.