![]() |
|
||||||||||||||||||||||
|
Wat als hij/zij een attitudeprobleem heeft ? Promoveren ?
published by Jan De Visch, on 21/01/2008
Heb jij ook al geworsteld met de vraag hoe je iemand kan ontslaan die zijn job zeer goed doet, maar iedereen op de heupen werkt ? Misschien kun je overwegen om hem/haar te promoveren. Eén van de ergste dingen die een organisatie een medewerker kan aandoen is om zijn/haar capaciteiten niet ten volle te benutten. Onderzoek wijst uit dat dit het geval is bij één op vijf medewerkers. Doorgaans vertaalt de onderbenutting zich een aantal maanden later in een shift in attitude. Managers stellen zich dan de vraag : “Wat is er gebeurd met mijn (vroeger) gemotiveerde medewerker ?”. Laat ons eens kijken naar Peter, 30 jaar oud en als Handelsingenieur drie jaar, na een eerste korte ervaring in een ander bedrijf, vol enthousiasme gestart in een stafmedewerkersrol. Na een initiële periode waarin hij de organisatie heeft leren kennen werd hij al gauw betrokken in voorbereidend werk om een aantal kwaliteitssystemen te verbeteren. Zijn suggesties én aanpak werden alom gewaardeerd. Peter ziet opportuniteiten, suggereert oplossingen en zijn manager steekt niet onder stoelen of banken dat hij verantwoordelijk is voor de aanwerving van een dergelijk degelijke kracht. Aanvankelijk was Peter betrokken in allerlei kleine aanpassingen in de wijze waarop het customer service departement werkte. Daarna werd hij gevraagd om allerlei data te gaan verzamelen rond het soort vragen/klachten van klanten. Hier stak hij zijn nek uit naar de aanschaf van nieuwe data-beheerssoftware, een investering waar toch een zestal maanden over werd gediscussieerd alvorens het groen licht er kwam. De omgeving begint Peter te ervaren als té zelfzeker, neigend naar een zekere arrogantie. In zijn tussentijds functioneringsgesprek liet Peter voorzichtig een aantal ‘bedenkingen’ vallen. De rode draad hierin is ‘zijn we wel met de juiste dingen bezig ?’. Gradueel wijzigt zijn manier om in dialoog te treden en groeit er een spanningsveld met zijn manager. Nog recent kwam ik in een context waar ‘retentie’ hét gespreksonderwerp was. De attitude van de afdeling met het meeste verloop was geëvolueerd van “betrokken suggesties”, over “passiviteit” (toen de manager er niet in slaagde de suggesties en vragen van de medewerkers te beantwoorden met passende initiatieven) tot “openlijke weerstand”. De attitude van de medewerkers was “beneden alle peil”. Nader onderzoek wees uit dat de afdeling voornamelijk bestond uit jonge dertigers, hoog geschoolden, die voornamelijk dossierbehandeling deden. De dossiers dienden ze binnen de 24 uur af te werken voor de klanten. Zowel leidinggevende als HR voelen zich opgelucht als er terug één van de medewerkers “vertrekt”. Deze en andere voorbeelden kunnen bekeken worden vanuit een mis-match tussen de kwaliteiten van medewerkers en de gevraagd in de respectievelijke rollen die van hen verwacht werden. Telkens ontstaat een dialoog rond attitude, (gemis aan) communicatievaardigheden, drijvend op een bed van ingehouden teleurstelling (zelfs boosheid). “Afscheid nemen van..” of ‘laten gaan …” lijkt de enige wijze oplossing. Nochtans zou ik in dergelijke gevallen durven suggereren om te kijken naar de fit tussen de persoon en zijn/haar functie. Dit kan eenvoudig via volgende vier rubrieken. Welke is de overeenstemming tussen : Is promotie een wenselijke oplossing ? Dit kan, als ook de overige vragen positief kunnen worden beantwoord. Een gemakkelijker oplossing ligt in het gradueel laten groeien van de rol, via een continu gelijktijdig re-design van de funtie van medewerker én leidinggevende. Dit artikel is een bewerkte vertaling van het artikel van “What to do about attitude problems ? Promote them!” van Michelle Malay Carter. Het sluit aan bij een heel recente ervaring en de visies die ik binnen mijn blogs aan het ontwikkelen ben en waarbij ik mijn inspiratie haal uit het “Requisite Organisation” denken van Eliot Jaques. Het volledige artikel kun je vinden op www.peoplefit.com . |
|



categories: 








Jan,
ik ben het volledig eens met je theorie over matchen op de 4 verschillende componenten (kennis/vaardigheden/functionele expertise, gedrags competenties, persoonlijkheid en capability).
Die inzichten verwerven 1 slechts een eerste stap in problemen voorkomen en/of op te lossen.
Echter, het is niet evident om altijd een match te krijgen tussen de behoeften van de medewerker en de opportuniteiten die een bedrijf te bieden heeft.
Dit vraagt soms heel veel creativiteit en moet zeker ondersteund worden met een zeer degelijk talent management systeem (identificeren van high potentials, degelijke succession plans). En daar knelt vaak het schoentje.
Het is dan ook de verantwoordelijkheid van de HR professional om processen en tools te hebben om deze talenten te identificeren, na te gaan of er een current match is en wat mogelijke toekomstige stappen zijn. En dat is best een hele uitdaging. maar als die goed gebeurt dan is een groot deel van de retentie issues hiermee verholpen.
Diane,
Wat je aanstipt is zeer relevant ! Sterker nog, ik ben ervan overtuigd dat Talent Management veel nauwer betrokken dient te worden bij het rol(re)design. Het adequaat ontwerpen of struktureren van je organisatie - en dit vervolgens consequent invullen - laat toe om veel duidelijker de mogelijke kloof tussen een potentiële functiehouder en de rol te identificeren en een resultaatsgericht groeiplan op te stellen.
We mogen ons niet enkel focussen op het talent management systeem. Het systeem zal maar werken als het management ook daadwerkelijk ziet dat de business resultaten erop vooruitgaan. En vaak zijn de business processen té onduidelijk of te gefragmenteerd gedefinieerd, waardoor zelfs sterke functiehouders tot suboptimale prestaties komen.